Daarom

Recentelijk heb ik deelgenomen aan de Höhlerbiënnale in Gera (Duitsland) met een installatie.
Bij deze tentoonstelling kon de bezoeker middels mijn installatie een dolende ziel gewaarworden. Naar aanleiding van de tentoonstelling werd mij gevraagd om toezending van de tekst die de dolende ziel uitspreekt.
Ik aarzelde, iets in mij verzette zich.

De mij toegedeelde Höhler was een smalle, donkere gang, die na een kleine tien meter met een bocht doodlopend leek te eindigen in volledig zwart, waar in werkelijkheid nog vele meters gang waren.
De Höhler was door mij ingericht met minimale middelen, een beetje licht en stemgeluid. Enkele onopvallende alledaagse voorwerpen, een kistje en een emmer, beschermden en leidden de aandacht af van de technische installatie, die daarvoor nodig was.

Mijn uitgangspunt voor de installatie was dat de ziel daar reeds ronddoolde en mijn subtiele ingrepen haar waarneembaar zouden maken. Bij het tot stand brengen van de installatie heb ik getracht alle factoren samen te laten werken, zodat de bezoeker deze als een vanzelfsprekend geheel zou ervaren, en zich ermee zou kunnen verhouden.
Ik heb de installatie zodanig ingericht, dat zij als concept in haar geheel in een paar tellen te vatten is voor een snel verstaander, en toch bij een langduriger bezoek aan een aandachtige bezoeker meer prijs geeft.

De amper twee meter hoge Höhler heb ik zodanig belicht dat zij ogenschijnlijk ‘hoog’ bovenin een opening of uitgang had, mogelijk met een trap te bereiken.
Hetgeen de stem uitspreekt zijn flarden gedachten, die in samenhang met de locatie de toehoorder uitnodigen enerzijds tot ter plekke stilstaan en luisteren naar de stem van de dolende ziel in de onderwereld, anderzijds te reflecteren op de eigen dolende ziel.
Een bezoeker die de stem goed wilde kunnen verstaan moest een beetje dieper de gang in gaan, hetgeen met zich meebracht, dat hij zich afzonderde in een onduidelijke ongemakkelijke ruimte. Wanneer de ingebouwde bewegingsmelder geen beweging meer had geregistreerd, viel na een paar minuten het licht en daarmee de ruimtelijkheid weg, zodat de bezoeker enige tijd alleen met een stem in het ‘onbegrensde’ donker geconfronteerd werd.
Een onzekere verlaten stem die sprak in flarden. De gefragmenteerde samenhang daarin kon pas na minutenlang luisteren worden waargenomen. Langere en meer intense aandacht creëerde dan de mogelijkheid om volgende lagen te ontdekken, lagen in de tekst, en lagen in de bezoeker zelf.
De installatie gaf geen antwoorden, maar vormde een uitnodiging tot reflectie en ontdekken van vragen.
De tekst was daarbij een, zij het belangrijk, onderdeel van het gehele werk. De tekst is door mij geschreven om binnen een situatie als deze installatie te functioneren.
Vervolgens heb ik de tekst gesproken en opgenomen. De geluidopname is niet willekeurig; ook hierbij heb ik zorgvuldige aandacht besteed aan het stemgeluid en de technische en omgevingsfactoren bij de geluidopname.

De installatie als geheel was een geoptimaliseerd samenspel van

  • het thema (Unterwelt/Onderwereld);
  • fysieke locatie (Höhler, benard, donker en vochtig, stil met geluid van druppend water);
  • de situatie (afzondering, rustige aandacht);
  • de belichting (ruimtelijk, interactief);
  • het geluid (zacht, dun, diffuus);
  • de stem (intonatie, taal, geluidopname);
  • de tekst (al dan niet samenhangende flarden, gelaagdheid).

Kortom typisch waarom een installatie een installatie is.

Rustig in een comfortabele omgeving een van de installatie geïsoleerde, gedrukte tekst te lezen, is een geheel andere ervaring dan als bezoeker van de installatie alleen in het benauwde donker te staan luisteren naar een zachte, onzekere stem. Het is misschien een beetje vergelijkbaar met het oplezen van de ingrediënten in plaats van het feestmaal eten op dag van het feest.

Ik aarzel niet meer. Ik heb de fundering van mijn verzet gevonden. Ik heb besloten de tekst niet op te sturen. En wel daarom.